• Home
  • Contact
  •  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Circulerende tumorcellen en de micro-omgeving bij niet-kleincellige longkanker

Print 
Datum: 30 september 2020
Tijd: 11:00
Locatie: Aula Academiegebouw Rijksuniversiteit Groningen
Adres: Broerstraat 5 te Groningen
Promotor: prof.dr. H.J.M. Groen en prof.dr. E.M.D. Schuuring

​Menno Tamminga: Circulating tumor cells and the micro-environment in non-small cell lung cancer

Tamminga richtte zich in zijn proefschrift op longkanker. De therapie voor longkanker is sterk afhankelijk van de mutaties en veranderde eiwitten in een tumor. Daarom is het van groot belang om tumormateriaal te verkrijgen om die veranderingen op te sporen. Helaas zijn conventionele technieken invasief en brengen niet altijd voldoende bruikbaar materiaal op. In het bloed bevinden zich echter ook circulerende tumorcellen (CTC) en ook afvalstoffen, zoals DNA.

Tamminga heeft onderzoek gedaan naar de waarde van CTC. CTC kan in het bloed geïdentificeerd en geteld worden. Ook worden methodes ontwikkeld om de bijbehorende mutaties en abnormale eiwitten te detecteren, maar die kunnen alleen worden toegepast als er voldoende CTC zijn.
Helaas zijn er beperkingen door het lage aantal circulerende tumorcellen die zich in 1 bloedbuis bevinden. Tamminga deed onderzoek naar de oorzaak van die lage getallen bij longkanker en stelde vast dat epitheliale cellen (waaronder CTC) snel worden verwijderd uit de bloedstroom in de centrale circulatie. De aanwezigheid van deze cellen is een factor die bepaalt hoe lang je te leven hebt en ook hoe groot de kans is dat een therapie aanslaat. Het effect van de therapie kan gemonitord worden door de verandering in het aantal CTC onder therapie. En omdat de informatie van CTC complementair is aan de andere markers, kunnen deze goed met elkaar gecombineerd worden.

Ten slotte zijn er nieuwe methoden om een hoger aantal CTC te identificeren. Het zeven van het bloed zorgde niet voor een toename van het aantal CTC. Derhalve bestudeerde Tamminga de aferese van bloed. Hierbij worden de verschillende bloedcomponenten (witte bloedcellen, rode bloedcellen, bloedplaatjes en plasma) gescheiden op dichtheid, waarna een specifieke cellaag afgeroomd kan worden en de overige bloedcomponenten weer teruggegeven aan de patiënt. Deze aferese leverde veel meer CTC op en was erg goed te verdragen door patiënten met longkanker.

Toch kunnen markers in het bloed conventionele biopten nooit volledig vervangen. Een biopt bevat ook informatie over de omgeving van de tumorcellen. De hoeveelheid en de compositie van het immuun-infiltraat is van groot belang voor de overleving. Interessant is het om vast te stellen dat alle subtypes van longkanker een vergelijkbaar arsenaal aan responsen gebruiken om het immuunsysteem te ontwijken. Ze presenteren namelijk zo min mogelijk eiwitten die afwijkend zijn van normaal. Toch verschilt de compositie van het immuunsysteem afhankelijk van het subtype longkanker. Dat leidt tot de beste overlevingskansen.

Curriculum Vitae

Menno Tamminga (1989) studeerde Geneeskunde aan de Universiteit Maastricht. Daarna was hij werkzaam als arts-onderzoeker bij de afdeling Nucleaire Geneeskunde van het Universitair Medisch Centrum Groningen (UMCG). Zijn promotieonderzoek vond plaats bij de afdeling Longziekten van het UMCG, gesuperviseerd door prof. dr. H.J.M. Groen. De titel van zijn proefschrift luidt: "Circulating tumor cells and the micro-environment in non-small cell lung cancer."

Volg ons op sociale mediaFacebook LinkedIn Twitter Youtube Instagram