•  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Zwangerschap en coronavaccinatie

Print 
01 juni 2021

De afgelopen maanden is er ervaring opgedaan met het vaccineren van zwangere vrouwen. In de Verenigde Staten zijn op dit moment meer dan 90.000 zwangere vrouwen gevaccineerd met mRNA-vaccins. Deze vrouwen hebben geen duidelijke bijwerkingen gehad van het vaccin. Dit heeft er voor gezorgd dat de landelijke werkgroep ‘COVID-19 en Zwangerschap’ een nieuw advies geschreven over zwangerschap en vaccinatie tegen COVID-19. 

Het nieuwe advies is dat zwangere vrouwen zich veilig kunnen laten vaccineren tegen COVID-19. Het liefst met een mRNA-vaccin, zoals Pfizer of Moderna. De NVOG heeft dit advies overgenomen.

Eerder was het advies om alleen kwetsbare zwangere vrouwen met onderliggende ernstige aandoeningen te vaccineren. En zwangeren die tijdens hun werk een hogere kans hebben om in aanraking te komen met het virus.

Wanneer aan de beurt voor een vaccinatie?

Zwangeren moeten wachten tot ze volgens de landelijke vaccinatiestrategie aan de beurt zijn voor vaccinatie via de GGD of huisarts. Wacht de uitnodiging voor vaccinatie via de huisarts of GGD af.

Totale advies

Het advies is op dit moment als volgt:

  • Er geen bezwaar is tegen vaccinatie van mannen en vrouwen bij een actieve kinderwens of tijdens een vruchtbaarheidsbehandeling. Bij een IVF behandeling is een mRNA-vaccin de eerste keus. Het advies is met de (hoofd)behandelaar de timing van de vaccinatie te bespreken.
  • Gezonde zwangere vrouwen te vaccineren volgens het landelijke vaccinatieplan. 
  • Nadrukkelijk advies voor zwangere vrouwen met extra risico hebben op ernstige COVID-19 infectie om zicht te laten vaccineren. Vrouwen met meer risico zijn vrouwen met longproblemen, hartproblemen, diabetes, nierziekten, leverziekten en ernstig overgewicht , met verminderde afweer, hiv infectie, ernstig overgewicht of ouder dan 35 jaar of met een migratie achtergrond. Er zijn meer voordelen dan nadelen.
  • Bij een vaccinatie in de zwangerschap: Voorkeur voor vaccinatie is na het 1e trimester, maar in 1e trimester lijkt er geen bezwaar te zijn.
  • Bij een vaccinatie tijdens een IVF behandeling, zwangerschap of kraambed is een mRNA-vaccin de eerste keus.
  • Vrouwen die borstvoeding geven kunnen gevaccineerd worden.
  • Indien een vrouw voorafgaand aan de zwangerschap de eerste AstraZeneca vaccinatie heeft gehad, dan is het advies tijdens de zwangerschap niet de tweede vaccinatie nemen. De eerste vaccinatie geeft al redelijk goede bescherming en de risico's op bijwerkingen van het AstraZeneca vaccin wegen niet op tegen de extra bescherming die de tweede vaccinatie zou geven. In deze situatie dus wachten tot na de zwangerschap om de vaccinaties te vervolgen volgens de dan geldende adviezen.
  • Indien een vrouw bij aanvang van de zwangerschap nog niet gevaccineerd is en tijdens de zwangerschap de oproep krijgt voor vaccinatie, dan is het advies te vaccineren met een mRNA-vaccin (dus Pfizer-BioNtech of Moderna). Vaccinatie bij voorkeur na het eerste trimester, maar geen absoluut bezwaar tegen vaccinatie in het eerste trimester.
  • Indien een vrouw voorafgaand aan de zwangerschap de eerste AstraZeneca vaccinatie heeft gehad, is het vooralsnog niet toegestaan dat zij tijdens de zwangerschap met een ander type vaccin gevaccineerd wordt. De effecten en veiligheid van een combinatie van meerdere vaccins wordt momenteel in meerdere studies onderzocht, dus het zou kunnen dat dit advies op termijn gaat veranderen.

Heb je vragen?

Bespreek je vragen met je behandelend arts.