•  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

De apparaten bij het bed

Print 

Infuuspompen en spuitenpompen

​De patiënt krijgt vocht, voeding en geneesmiddelen via deze pompen en de bijbehorende infusen en bijvoorbeeld een maagslang.


 


 


 
 

Bewakingsmonitor

Een bewakingsmonitor controleert de belangrijkste lichamelijke functies van de patiënt, zoals hartslag en bloeddruk. De alarmen worden ingesteld voor de precieze situatie van de patiënt.​

  • HF staat voor hartslagfrequentie, de hartslag. Dit is het aantal keer dat het hart klopt per minuut. De meeste volwassenen hebben een hartslagfrequentie tussen de 60 en 90. Veel patiënten op de IC hebben en hogere of lagere hartslag dan normaal. Ziekte en operaties kunnen een grote invloed hebben op de hartslagfrequentie.
  • SpO2, geeft het zuurstofconcentratie in het bloed aan. Dat is maximaal 100%. Bij gezonde mensen is deze waarde meestal boven de 95%. Veel patiënten op de ICV hebben een lagere SpO2 die past bij hun ziek zijn.
  • RF staat voor respiratoire frequentie, de ademfrequentie. Dit is het aantal keer dat de patiënt ademt per minuut. De waarde ligt bij gezonde volwassenen meestal tussen de 12 en de 20. Bij veel IC-patiënten zal dit anders zijn.
  • Bloeddruk. Deze waarde bestaat uit twee getallen met een schuine streep er tussen. De schuine streep wordt uitgesproken als 'over'. Dus 120/80 wordt uitgesproken als '120 over 80'. Het eerste getal is de bovendruk en het tweede getal de onderdruk. Bloeddruk verschilt van persoon tot persoon. De bovendruk ligt bij de meeste mensen tussen de 90 en 140 en de onderdruk tussen 60 en 90. Veel IC-patiënten hebben een lagere of juist hogere bloeddruk dan normaal.


Beademingsmachine

Als er beademd wordt heeft de patiënt een beademingsbuis (tube) in de mond of een masker over de mond. Die is verbonden aan de beademingsmachine. De machine ondersteunt de ademhaling of neemt deze over.​

 

Elektronisch patiëntendossier

De gegevens van de patiënt worden de hele tijd bijgehouden. Nieuwe ontwikkelingen kunnen met de computer bij het bed direct ingevoerd worden in het patiëntendossier. Daarnaast zijn er nog diverse andere apparaten en hulpmiddelen die tijdens de zorg en behandeling gebruikt kunnen worden. Voor meer informatie verwijzen we u naar de arts of verpleegkundige.​