•  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Voor wie

Print 

​​​​Thuisbeademing kan bij sommige ziektes helpen om de klachten van een patiënt te verminderen. De meeste patiënten die thuisbeademing krijgen, hebben een aangeboren spier- of zenuwziekte. Maar ook patiënten met andere ziektes kunnen in aanmerking komen voor thuisbeademing.

Spier- en zenuwziektes

Patiënten met een spier- of zenuwziekte hebben geen normale ademhaling omdat hun spieren niet goed w​erken. Vaak is de ziekte progressief: de ziekte verergert een patiënt gaat verder achteruit. Zonder beademing overlijden de patiënten. Beademing kan de levensduur verlengen. De beademing is meestal goed in te passen in het dagelijkse leven. Spier- en zenuwziektes waarbij thuisbeademing wordt gebruikt, zijn onder meer:

  • spinale spieratrofie
  • ziekte van Duchenne
  • ziekte van Becker
  • ​amyotrofische laterale sclerose, beter bekend als ALS.

Borstkasafwijkingen

Afwijkingen aan de borstkaswand kunnen een normale ademhaling belemmeren. De afwijkingen kunnen aangeboren of een complicatie van een spier- of zenuwziekte zijn. Door misvorming van de borstkas raken de longen ‘in de knel’.

Een patiënt hoeft daar niet direct last van te krijgen. Klachten ontstaan pas als de ademhaling onvoldoende is om het koolzuurgas te verwijderen. Uiteindelijk ontstaan er longafwijkingen en afwijkingen in de bloedsomloop tussen hart en longen. Daarom is het belangrijk om op tijd met thuisbeademing te beginnen.

Bij S-vormige wervelkolomveranderingen kan chronische thuisbeademing nodig zijn. Ook bij borstkasafwijkingen veroorzaakt door polio, tuberculose en de ziekte van Bechterew, kan chronische thuisbeademing nodig zijn.

Longziekten

Patiënten met alleen COPD of cystic fibrose komen in principe niet in aanmerking voor thuisbeademing. Dit omdat het om longaandoeningen gaat, en niet om aandoeningen van de ademhalingsspier. Het niet duidelijk of deze patiënten baat hebben bij thuisbeademing. Het Centrum voor Thuisbeademing onderzoekt of en in welke gevallen COPD-patiënten voor beademing in aanmerking komen. In sommige gevallen en onder bepaalde voorwaarden kan thuisbeademing bij een longziekte toegevoegde waarde hebben.

Complexe slaapapneu

Bij compexe gevallen gevallen van obstructief slaapapneu of het centraal slaapapneusyndroom kan een patiënt thuisbeademing krijgen. Die krijgt hij dan ’s alleen nachts. 

Andere redenen

Er kunnen ook andere redenen waarom zijn waarom een patiënt thuisbeademing nodig heeft. Bijvoorbeeld als het middenrif niet meer werkt. Of een patiënt een long of een deel van een long mist.

Wel of geen thuisbeademing

Ook als u thuisbeademing kunt krijgen, moet u zich beseffen dat dit een behoorlijke impact op uw leven heeft. Door ademhalingsondersteuning kunnen uw klachten verminderen. Voor buitenstaanders lijkt de keuze dan ook gemakkelijk: leven of niet leven. De keuze is in de praktijk echter niet zo eenvoudig. Hoe ver je wilt gaan en wat nog kwaliteit van leven is, is voor iedereen verschillend. Mogelijk voldoet de beademing niet aan uw verwachtingen. U heeft daarom altijd de keus om er niet mee te beginnen of ermee te stoppen. Het Centrum voor Thuisbeademing kan u adviseren over deze beslissing.

Volg ons op sociale mediaFacebook LinkedIn Twitter Youtube Instagram