•  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Tracheostoma

Print 

​​Het aanleggen van een tracheostoma gebeurt tijdens een operatie. De arts maakt een kleine opening in de hals, een paar centimeter onder de adamsappel. Zo ontstaat er een directe verbinding met de luchtpijp. In de tracheostoma komt een tracheacanule. Dit is een kort buisje. Hierop wordt het beademingsapparaat aangesloten.

Keuze voor tracheostoma

Als dat mogelijk is, proberen we altijd beademing via een masker te geven. Beademing via een tracheostoma is de beste oplossing als:

  • beademing via een masker niet lukt of niet goed genoeg werkt.
  • u na lange beademing op de intensive care niet volledig kunt ontwennen van de beademing. Een tracheostoma is dan een tijdelijke oplossing.
  • ophoesten van slijm niet goed meer lukt.
  • u niet goed kunt slikken.

Voor- en nadelen tracheostoma

Voordelen zijn:

  • verlichten van de klachten en verschijnselen onvoldoende ademhaling
  • lucht komt rechtstreeks in de longen
  • slijm uit longen opzuigen mogelijk
  • gezicht blijft vrij

Nadelen zijn:

  • operatie nodig
  • 24 uur per dag afhankelijk van zorg
  • wennen aan ontvangen van lucht via apparaat
  • leren spreken met lucht
  • vatbaarder voor luchtweginfecties
  • niet kunnen praten bij een volle cuff

Canules

Er zijn verschillende soorten tracheacanules. Bijvoorbeeld van kunststof of van zilver, met of zonder cuff en met en zonder binnencanule. Elke canule heeft voor- en nadelen. Welke canule iemand krijgt, is afhankelijk van zijn situatie. De canule moet regelmatig vervangen worden om de canule en het tracheostoma schoon te houden. Hoe vaak dat moet, is afhankelijk van het soort en type.

Cuff

Soms is het niet mogelijk te beademen met een ‘gewone’ canule. Er verdwijnt dan te veel lucht naar de mond, waardoor er te weinig in de longen komt. Dan is een canule met een cuff de oplossing. Een cuff is een ballon. Als die is opgeblazen, is de luchtweg naar de keelholte afgesloten. De ademhaling gaat alleen nog maar naar de longen. Praten is niet mogelijk, omdat er geen lucht uit de longen naar de stembanden kan.

Praten

Omdat de lucht via het tracheostoma de longen ingaat en er dus geen lucht via de mond en keelholte langs de stembanden gaat, kunt u in het begin niet praten.

Sommige patiënten met een tracheostoma krijgen alleen ‘s nachts beademing. Tijdens normale ademhaling overdag loopt bij een geopende tracheacanule de in- en uitademing via de tracheacanule. Sommige patiënten sluiten bij de uitademing de tracheacanule met een vinger af. Hierdoor komt de uitgeademde lucht wel langs de stembanden. Daardoor kunnen ze wel praten. Dit kan alleen als tussen de tracheacanule en luchtpijpwand voldoende ruimte uit te ademen.

De tracheacanule kan ook worden afgesloten met een spreekklep. De uitgeademde lucht gaat dan door de stembanden. Daardoor is praten wel mogelijk. Een spreekklep vervangt in zo'n situatie de vinger: de patiënt ademt via de tracheacanule in (klep open) en ademt via de mond uit (klep dicht).

Kunstneus

Bij een normale ademhaling bevochtigt het slijmvlies van de neus de lucht die binnenkomt. Bij een tracheostoma komt de lucht niet langs de neus en komt er relatief dr​oge lucht binnen. Daardoor is de kans op een luchtweginfectie en opgedroogd slijm groter. Om deze en andere problemen te voorkomen, kan de patiënt een 'kunstneus' gebruiken. Dit een een soort bevochtigingsfilter.

Volg ons op sociale mediaFacebook LinkedIn Twitter Youtube Instagram