•  NL 
  • Login medewerkers
  • mijnUMCG

Behandeling blaaskanker

Print 
​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​​
​​​​​Blaaskanker​​​ | Onderz​​​​oek en diagnose | Behandeling | Behan​delteam​​​
​ ​

​​​Als er bij u blaaskanker is vastgesteld, stellen we samen met u een behandelplan op. Hoe dit plan eruitziet, verschilt per persoon en is afhankelijk van uw situatie. Het behandelteam kijkt daarvoor onder meer naar de grootte en kenmerken van de tumor. En naar eventuele uitzaaiingen.

Een behandeling voor kanker kan bedoeld zijn om u te genezen. Als dat niet mogelijk is, behandelen we om de kwaliteit van uw leven te verbeteren. En/of om uw leven te verlengen, als dat kan.

Behandelmogelijkheden

Er zijn verschillende behandelmogelijkheden bij blaaskanker. Uw behandelplan bestaat uit 1 of meer van deze behandelingen:

  • operatie: TURT, re-TURT
  • blaasspoelingen
  • blaasverwijdering
  • bestraling
  • chemotherapie
  • immunotherapie​
  • bloedtransfusie

Meerdere gesprekken

Voordat uw behandeling begint, heeft u altijd meerdere afspraken om de behandeling(en) te bespreken. U krijgt daarvoor brieven en uitgebreide informatie.

Uw vaste aanspreekpunt tijdens uw behandeling is de verpleegkundig consulent. U heeft vaste afspraken met de verpleegkundig consulent. Maar kunt ook zelf bellen voor overleg of voor een extra afspraak. De verpleegkundig consulent is gespecialiseerd in blaaskanker en werkt nauw samen met de rest van het behandelteam.

TURT

Een TURT is een operatie waarbij we de tumor via de plasbuis uit de blaas verwijderen. Dit is vaak de eerste stap bij de behandeling van blaaskanker. Vaak kunnen we iemand met deze behandeling genezen.

Re-TURT

Soms opereren we een 2e keer. Of zo’n re-TURT nodig is, hangt af van het verloop en de uitslag van de eerste TURT.

Bij een tumor die niet in de spierwand van de blaas groeit, is het weghalen van de tumor meestal voldoende. Als de tumor ook al in de spierwand zit en dus spier-invasief is, dan is er vaak meer behandeling nodig.

Blaasspoeling

Soms geven we na een operatie een blaasspoeling​. Dit kan alleen als de tumor niet is ingegroeid in de spierwand van de blaas. De behandeling is bedoeld om ervoor te zorgen dat de blaaskanker minder snel terugkomt. En om de kans dat de tumor ingroeit in de spierwand van de blaas te verkleinen.​​

Als de tumor terugkomt

Bij meer dan de helft van de patiënten komt de blaastumor terug na een TURT en eventuele blaasspoelingen. Het kan dan zo zijn dat de tumor is ingegroeid in de spierwand en/of niet meer op blaasspoelingen reageert. Als er geen uitzaaiingen zijn, bespreken​ we of we uw blaas het beste kunnen weghalen of bestralen. Beide behandelingen zijn dan bedoeld om u te genezen.

Blaasverwijdering

Als de blaastumor alleen in de blaas zit, adviseert het behandelteam de blaas weg te halen. Deze operatie heet een blaasverwijdering. Tijdens de blaasverwijdering maken we ook een nieuwe afvoer voor urine​.

Soms combineren we een blaasverwijdering met chemotherapie. Of dit gebeurt, hangt af van hoe diep de tumor in de blaas is ingegroeid.

Bestraling en chemotherapie

In plaats van een blaasverwijdering geven we soms ook uitwendige bestraling samen met chemotherapie. Dit heet chemoradiatie. Deze behandeling is bedoeld om u te genezen. Als u veel plasklachten heeft, is deze behandeling niet geschikt voor u.

Bestraling

B​estraling kan de blaaskanker onderdrukken als een blaasverwijdering of chemoradiatie niet  kan. Hierna is de kans wel groter dat de ziekte weer terugkomt. Ook kan uitwendige bestraling soms klachten verlichten als bloedverlies bij de urine of pijn. En uw leven verlengen als u niet meer beter wordt.

Chemotherapie

Bij blaaskanker kunnen we chemotherapie vóór een blaasverwijdering adviseren. De behandeling is er dan op gericht de kans op genezing vergroten.

Ook kan chemotherapie uitgezaaide blaaskanker remmen of tijdelijk tot stilstand brengen als u niet meer beter wordt. Het doel is dan het verminderen van uw klachten en verlengen van uw leven.

Immunotherapie

Soms geven we immunotherapie als behandeling voor blaaskanker. ​Dat doen we bij patiënten die uitzaaiingen hebben, die chemotherapie hebben gehad en bij wie de ziekte erger wordt. Als chemotherapie niet mogelijk is, kunnen we we soms ook immunotherapie geven.​

Bloedtransfusie

Als u uitgezaaide blaaskanker heeft, kunt u bloedarmoede krijgen. Dat betekent dat u te weinig rode bloedcellen heeft. Dit kan zorgen voor moeheid, ​​kortademigheid en hartkloppingen. Een bloedtransfusie kan deze klachten verminderen. In het ziekenhuis krijgt u dan donorbloed via een infuus.

Meedoen aan onderzoek

Soms kunt u meedoen aan een zogenaamde ‘trial’. Het doel van zo’n studie is vaak om nieuwe en betere behandelmethodes te ontwikkelen. Op de site van stichting DUOS​ leest u hierover meer. Voldoet u aan de voorwaarden en wilt u meedoen? Vraag dan uw behandelaar om meer informatie.

Controle en nazorg

Als u een TURT heeft gehad, heeft u ongeveer 2 weken na de operatie een controle-afspraak. We bespreken dan het resultaat van de operatie met u. En we laten u weten of u verdere behandeling nodig heeft. Na uw behandeling(en) maakt u afspraken over controles. Hoe vaak, hoelang en bij wie u onder controle blijft, hangt af van uw situatie.​​