Paniekstoornis: over de ziekte

Iemand met een paniekstoornis heeft last van plotselinge paniekaanvallen. Een aanval van erge angst kan iemand het gevoel geven de controle te verliezen. Een paniekstoornis zorgt voor grote problemen in het dagelijks leven. In werk, studie en bij sociale contacten.

Als iemand eenmaal een paniekaanval heeft gehad, dan is de angst groot om het weer te krijgen. Dit zorgt ervoor dat iemand bepaalde situaties voorkomt. Bijvoorbeeld het bezoeken van plekken waar veel andere mensen zijn of het reizen met het openbaar vervoer. Het vermijden van deze situaties wordt agorafobie genoemd. Iemand durft dan niet goed het huis uit en naar buiten.

Een paniekstoornis is een angststoornis.

  • Ongeveer 3 op de 100 mensen in Nederland heeft een paniekstoornis. Vrouwen hebben vaker een paniekstoornis dan mannen.


  • Er zijn vaak lichamelijke klachten, zoals:

    • hartkloppingen
    • zweten
    • trillen of beven
    • gevoel van ademnood of stikken
    • pijn of naar gevoel op de borst
    • misselijk of buikklachten
    • duizelig zijn, licht in het hoofd of flauwvallen
    • koude rillingen of heel warm hebben
    • een verdoofd of tintelend gevoel
    • het gevoel jezelf niet te zijn of dat alles niet echt is
    • angst om controle over jezelf te verliezen of gek te worden
    • angst om dood te gaan

    Andere symptomen zijn:

    • steeds bezorgd en bang zijn om een nieuwe paniekaanval te krijgen

  • Er kunnen verschillende oorzaken zijn voor het ontstaan van een paniekstoornis:

    • erfelijkheid. Kinderen van ouders met een angststoornis, depressie of bipolaire stoornis hebben een verhoogd risico op een paniekstoornis.
    • een nare gebeurtenis in het verleden. Bijvoorbeeld erg gepest zijn, lichamelijke of seksuele mishandeling
    • erge spanning door een recente nare gebeurtenis, een conflict of een grote verandering in het leven. Bijvoorbeeld een overlijden, een echtscheiding of ontslag. Of negatieve ervaring met drugs of geneesmiddelen
    • lichamelijke oorzaken door ziekte, bijvoorbeeld een ademhalingsstoornis zoals astma

    Soms is het niet helemaal duidelijk waarom iemand een paniekstoornis heeft.


Hoe vaak komt het voor?

Ongeveer 3 op de 100 mensen in Nederland heeft een paniekstoornis. Vrouwen hebben vaker een paniekstoornis dan mannen.

Klachten en symptomen

Er zijn vaak lichamelijke klachten, zoals:

  • hartkloppingen
  • zweten
  • trillen of beven
  • gevoel van ademnood of stikken
  • pijn of naar gevoel op de borst
  • misselijk of buikklachten
  • duizelig zijn, licht in het hoofd of flauwvallen
  • koude rillingen of heel warm hebben
  • een verdoofd of tintelend gevoel
  • het gevoel jezelf niet te zijn of dat alles niet echt is
  • angst om controle over jezelf te verliezen of gek te worden
  • angst om dood te gaan

Andere symptomen zijn:

  • steeds bezorgd en bang zijn om een nieuwe paniekaanval te krijgen

Oorzaken

Er kunnen verschillende oorzaken zijn voor het ontstaan van een paniekstoornis:

  • erfelijkheid. Kinderen van ouders met een angststoornis, depressie of bipolaire stoornis hebben een verhoogd risico op een paniekstoornis.
  • een nare gebeurtenis in het verleden. Bijvoorbeeld erg gepest zijn, lichamelijke of seksuele mishandeling
  • erge spanning door een recente nare gebeurtenis, een conflict of een grote verandering in het leven. Bijvoorbeeld een overlijden, een echtscheiding of ontslag. Of negatieve ervaring met drugs of geneesmiddelen
  • lichamelijke oorzaken door ziekte, bijvoorbeeld een ademhalingsstoornis zoals astma

Soms is het niet helemaal duidelijk waarom iemand een paniekstoornis heeft.

Heeft u nog vragen?

U kunt de polikliniek Angst- en Dwangstoornissen bellen van maandag tot en met vrijdag, tussen 8.00 en 16.30 uur