Röntgenonderzoek van de aderen in uw armen of benen

Print 

Uw behandelend arts heeft u verwezen naar de afdeling Radiologie voor een onderzoek van de aderen in uw armen of benen. Op de afdeling Radiologie doen radiologen en radiologisch laboranten verschillende soorten diagnostisch onderzoek. Diagnostisch onderzoek heeft tot doel vast te stellen wat de oorzaak is van uw klachten. Een van die onderzoeken is het röntgenonderzoek waarbij de radioloog en radiologisch laboranten röntgenafbeeldingen maken van de aderen in uw armen of benen. Meer informatie over röntgenonderzoek en het werk van de afdeling Radiologie vindt u via de link ‘Radiologische technieken’ onder aan deze pagina.

Hulpmiddelen bij het onderzoek

Een röntgenafbeelding is een afbeelding van de binnenkant van uw lichaam. Om deze afbeelding te maken gebruikt de radioloog een geringe hoeveelheid röntgenstraling. Daarnaast werkt hij bij dit onderzoek met een jodiumhoudend contrastmiddel. Dit is nodig om uw aderen zichtbaar te maken met röntgenstralen. Dit middel heeft soms bijwerkingen in de vorm van lichte overgevoeligheidsreacties zoals roodheid, jeuk of blaasjes. Deze kunnen zich overal op uw lichaam voordoen. U merkt dit direct na het toedienen van het contrastmiddel of de volgende dag. Meestal trekken de bijwerkingen na een paar dagen weer weg.

Zijn de bijwerkingen niet na een paar dagen verdwenen en vertrouwt u het niet, neem dan contact op met uw behandelend arts. Vertel hem dat u een jodiumhoudend contrastmiddel ingespoten heeft gekregen. Het is van belang dat de afdeling Radiologie ook weet dat de bijwerkingen bij u niet na een paar dagen verdwijnen. Breng daarom de afdeling ook op de hoogte. U kunt hiervoor bellen met (050) 361 21 69. Ook is het verstandig het te melden wanneer er in de toekomst opnieuw een radiologisch onderzoek nodig is waarbij met een jodiumhoudend contrastmiddel wordt gewerkt. 

Voorbereiding

Voor dit onderzoek is het nodig dat u nuchter bent. Dit betekent dat u vier uur voor het onderzoek niets mag eten, drinken en roken.

Astma, bronchitis en hooikoorts gaan vaak gepaard met een allergie voor jodiumhoudende contrastmiddelen. Als u last heeft van één van deze aandoeningen, vertel het de laborant of arts vóór het onderzoek. Zij willen daarnaast weten of u overgevoelig bent voor medicijnen, jodiumhoudende contrastmiddelen of bepaald voedsel. 

Voorbereidingen bij suikerziekte

U mag vier uur voor dit onderzoek niets meer eten of drinken. Het kan daarom wenselijk zijn dat u contact opneemt met uw behandelend arts voor een eventuele aanpassing van uw dieet en/of insulinedosis voor de dag van het onderzoek.

Voorbereidingen bij medicijngebruik

Mocht u medicijnen gebruiken dan mag u die voorafgaand aan het onderzoek innemen met een geringe hoeveelheid water of thee, ook wanneer u nuchter moet verschijnen.

Voorbereidingen bij zwangerschap en borstvoeding
Ongeboren kinderen zijn gevoelig voor röntgenstraling. Bent u zwanger, of denkt u zwanger te zijn, neem dan vóór het onderzoek contact op met de afdeling Radiologie. U kunt hiervoor bellen met (050) 361 21 69. Soms wordt het onderzoek in overleg met uw behandelend arts uitgesteld.
Uw lichaam neemt het jodiumhoudende contrastmiddel op. Het komt daardoor ook in uw moedermelk terecht. Het is daarom niet verstandig borstvoeding te geven tijdens de eerste 24 uur na het toedienen van het jodiumhoudend contrastmiddel.

Het onderzoek

U meldt zich bij de receptie en neemt plaats in de wachtkamer. De radiologisch laborant haalt u op en brengt u naar de onderzoekskamer. U krijgt hier eerst uitleg over het verloop van het onderzoek.

Het onderzoek begint met het inbrengen van het contrastmiddel via een bloedvat in uw arm of been, afhankelijk van welke bloedvaten worden onderzocht. De radioloog prikt met een dun naaldje een bloedvat aan. Dit is even pijnlijk. Als het naaldje is ingebracht in het bloedvat, plakt de radioloog het vast. Hij spuit vervolgens het contrastmiddel in en maakt röntgenafbeeldingen van de bloedvaten.
Om de vaten in de kuit zichtbaar te maken krijgt u vaak een strakke band om uw enkel (en soms boven uw knie). Ook bij afbeeldingen van de arm gebruikt de radioloog soms een band. De strakke band blijft gedurende het gehele onderzoek zitten. Hierdoor blijft het contrastmiddel langer in de bloedvaten waardoor er meer tijd is om afbeeldingen te maken.
De houding waarin u ligt is afhankelijk van het te onderzoeken gebied. Het onderzoek duurt 30 tot 45 minuten.

Na het onderzoek

Na het onderzoek mag u weer normaal eten en drinken. Het is verstandig om na het onderzoek extra te drinken om de contrastvloeistof goed te kunnen uitplassen.

Uitslag

U krijgt de uitslag van het onderzoek van uw behandelend arts. Hij vertelt u ook wanneer en hoe u de uitslag krijgt.

Vragen

Heeft u vóór, tijdens of na het onderzoek nog vragen, dan kunt deze gerust stellen. U kunt ook bellen tussen 8.00 en 9.30 uur met nummer (050) 361 21 69.

Voor informatie over patiëntenverenigingen, andere gezondheidszorginstellingen, de gang van zaken in het UMCG, opmerkingen en klachten, kunt u contact opnemen met de medewerkers van Patiënteninformatie. Informatie hierover vindt u via de link onder aan deze pagina
 

U kunt de website van het UMCG door uw PC laten voorlezen. Klik hiervoor op de knop rechts boven in het scherm.