Uw huisarts heeft u voor een onderzoek verwezen naar een uroloog in het UMCG, omdat u pijn heeft in uw onderrug of zijkant van de buik, wat kan duiden op de aanwezigheid van nierstenen. Met het onderzoek probeert de uroloog de oorzaak van uw pijn vast te stellen.
De nieren
De meeste mensen hebben twee nieren. Nieren zijn ongeveer twaalf centimeter groot en liggen aan de binnenkant van de rug, ter hoogte van uw middel. In de nieren wordt urine gemaakt. De urine gaat via twee urineleiders naar uw blaas, waarna het kan worden uitgeplast.
De nieren hebben drie belangrijke functies:
- het verwijderen van afvalstoffen;
- het regelen van de vochtbalans;
- het aanmaken van hormonen.
Het ontstaan van nierstenen
Als de urine in de nieren teveel afvalstoffen bevat, kunnen er kleine kristallen ontstaan. Deze kristallen worden bij de meeste mensen gewoon uitgeplast en vormen geen probleem. Als de kristallen achterblijven, kunnen er nierstenen ontstaan. Dit komt bijvoorbeeld doordat u:
- te weinig drinkt;
- teveel zweet;
- een urineweginfectie heeft;
- teveel eiwitten eet, met name veel vlees.
Daarnaast kan de aanwezigheid van bepaalde zouten of medicijnen nierstenen veroorzaken.
Een niersteenaanval
Een niersteenaanval ontstaat wanneer een niersteen vanuit de nier de urineleider inschiet en daar blijft steken. Doordat de steen vastzit in de urineleider, kan de urine niet goed worden afgevoerd. De nieren raken hierdoor steeds verder gevuld met urine (stuwing). Dit kan veel pijn geven.
Nierstenen geven niet altijd klachten. Pas als een niersteen vast komt te zitten, ontstaat pijn. Vaak begint het met een vage, weinig opvallende pijn in de onderrug (flanken). Geleidelijk wordt de pijn feller, en komt in steeds hevigere aanvallen, meestal aan de zijkant van de buik. De pijn trekt vaak door naar de lies, het bovenbeen of de geslachtsorganen. Tijdens een niersteenaanval is men rusteloos en loopt vaak rond.
Verdere klachten kunnen zijn misselijkheid, braken, zweten, bloed in de urine en vaker aandrang om te plassen.
Het onderzoek
Na een eerste gesprek onderzoekt de uroloog u lichamelijk, waarbij de aandacht uitgaat naar uw urinewegen en buik. Mogelijk krijgt u aanvullende onderzoeken om de oorzaak van uw klacht te achterhalen, zoals:
- een kijkonderzoek in de urineblaas (cystoscopie);
- een röntgenonderzoek van de urineleider, nierbekken en nierkelken (retrograde pyelografie);
- een röntenfoto van de buik;
- een echografie van de nieren.
De uroloog informeert u over de onderzoeken die nodig zijn. Informatie over de verschillende onderzoeken vindt u op de website van urologie, via de link onder aan deze pagina.
Behandeling
Als u een niersteenaanval heeft, is het belangrijk dat allereerst uw pijn wordt verlicht. Meestal geeft de uroloog u medicijnen die de spieren van de urinewegen helpen ontspannen. De urinewegen worden hierdoor ruimer, waardoor de steen kan worden uitgeplast. Als de steen te groot is om uit te plassen, kan de steen op een andere manier kliner gemaakt worden of worden verwijderd, bijvoorbeeld:
- met een niersteenvergruizer;
- met een operatie;
- met een endoscopische operatie (kijkbuis).
Als dit nodig is, zal de uroloog u daar uitgebreid over informeren.
Het UMCG heeft geen wachttijd voor een behandeling met de niersteenvergruizer. U kunt hier dus snel terecht.
Veel drinken
Door veel water te drinken kunt u mogelijk nierstenen voorkomen. Drink, verspreid over de hele dag anderhalf tot twee liter water, zonder koolzuur. Wanneer u al eens nierstenen heeft gehad, is het belangrijk om nog meer water te drinken, zo’n tweeënhalf tot drie liter per dag.