MRI-scan

Print 

Uw behandelend arts heeft u voor een MRI-scan (Magnetic Resonance Imaging) verwezen naar de afdeling Radiologie. Op de afdeling Radiologie doen radiologen en radiologisch laboranten verschillende soorten diagnostisch onderzoek, waaronder de MRI. Diagnostisch onderzoek heeft tot doel vast te stellen wat de oorzaak is van uw klachten. Meer informatie over het werk van de afdeling Radiologie vindt u via de link ‘Radiologische technieken’ onder aan deze pagina.

MRI

Afbeelding MRI-scan

De MRI-scanner (afbeelding rechtsboven) ziet eruit als een kleine tunnel die aan hoofd- en voeteneinde open is. Tijdens het onderzoek ligt u in deze tunnel. MRI is een beeldvormend onderzoek dat gebruik maakt van een magneetveld en korte radiogolven. De MRI-scanner kan een (klein) stukje weefsel in uw lichaam uitkiezen en het ‘vragen’ wat voor soort weefsel het is. Net als bij gewone magneten en radiogolven voelt u hier niets van. Wel hoort u tijdens de opnamen een kloppend geluid. Er zijn ook geen schadelijke gevolgen voor uw lichaam. U vindt meer informatie over de werking van MRI via de link ‘Radiologische technieken’ onderaan deze pagina.

Voor het scannen van de ledematen (onder andere voet, enkel, nie, pols of elleboog) heeft de afdeling Radiologie een tweede MRI-scanner beschikbaar (zie afbeelding rechtsonder). Ook deze ziet er uit als een ronde buis met openingen aan beide kanten, maar is kleiner. Tijdens het onderzoek zit u in een stoel en ligt het te scannen lichaamsdeel in de buis.

Soms gebruikt de radioloog een contrastmiddel bij MRI-onderzoek omdat sommige afwijkingen anders niet zichtbaar zijn. Het gaat hier om een paramagnetisch contrastmiddel voor injectie in uw bloedvaten. Van dit middel zijn nauwelijks bijwerkingen bekend. U kunt als u dat wilt de bijsluiter van het contrastmiddel middel krijgen van de radiologisch laborant. Het is goed te bedenken dat alle door de fabrikant beschreven bijwerkingen mogelijk maar één keer zijn voorgekomen.

Afbeelding MRI-scan voor ledematen

 Veiligheid

Zoals iedere magneet trekt de MRI-magneet metalen voorwerpen aan. Omdat de MRI-magneet zeer sterk is (10.000 tot 40.000 keer sterker dan het magnetisch veld van de aarde) kan hij losse metalen voorwerpen met grote snelheid de magneet in trekken. Een aantal voorzorgsmaatregelen is daarom nodig om uw veiligheid te kunnen garanderen:

  • Neem geen metalen voorwerpen mee in de MRI-ruimte. Denk hierbij aan sleutels, pennen, metalen munten, brillen, zakmessen, sieraden, horloges, gehoorapparaten, haarspelden, riemgespen, enzovoort. 
  • Mascara kan metalen deeltjes bevatten. Gebruik daarom geen mascara.
  • Heeft u metalen voorwerpen in uw lichaam (denk aan kunstgewrichten, kunstkleppen, metalen clips), neem dan voor het onderzoek contact op met de afdeling Radiologie (050) 361 49 24. Dit geldt ook voor uw begeleider.
  • Pacemakers en insulinepompen kunnen van slag raken door het magneetveld van de MRI. Als u of uw begeleider één van deze apparaten heeft mag u niet in de buurt van een MRI-apparaat komen. U moet het de radiologisch laborant als u een dergelijk apparaat in u heeft.
  • Neem geen pasjes mee met een magneetstrip, zoals bankpasjes en creditcards. Deze worden onbruikbaar door het magnetisch veld.
  • De magneet trekt vullingen of kronen in uw gebit niet aan. 
  • Als u een metaalsplinter in uw oog heeft, mag u niet bij het MRI-apparaat in de buurt komen. Dit geldt ook voor uw begeleider.

Borden op de afdeling Radiologie geven aan waar het niet veilig is voor patiënten en begeleiders.

Voorbereiding

U hoeft zich niet voor te bereiden voor een MRI-onderzoek. Het is verstandig om metalen voorwerpen zoveel mogelijk thuis te laten. Mocht u toch dergelijke voorwerpen bij u hebben, dan kunt u ze op de MRI-afdeling opbergen in een kluisje.
U kunt tijdens het onderzoek een koptelefoon van de afdeling lenen om naar muziek te luisteren. U kunt uw eigen cd's meebrengen.

Voorbereiding bij zwangerschap en borstvoeding

Bent u zwanger, of denkt u zwanger te zijn, neem dan vóór het onderzoek contact op met de afdeling Radiologie. U kunt hiervoor bellen met (050) 361 22 89, 361 22 81 of 361 23 05. Voor zover bekend is een MRI-onderzoek niet schadelijk voor het ongeboren kind, maar om mogelijke risico’s te vermijden wil de radioloog toch graag op de hoogte zijn van een eventuele zwangerschap.
Uw lichaam neemt het contrastmiddel op. Het komt daardoor ook in uw moedermelk terecht. Het is daarom verstandig enkele dagen geen borstvoeding te geven. Daarom doet de radioloog liever geen MRI-onderzoek waarbij een contrastmiddel nodig is als u borstvoeding geeft. Een MRI-onderzoek zonder contrastmiddel is doorgaans wel mogelijk.

Voorbereidingen bij medicijngebruik

Als u medicijnen gebruikt mag u die gewoon blijven innemen.

Voorbereiding bij claustrofobie
Tijdens het onderzoek ligt u in een kleine tunnel die aan hoofd- en voeteneinde open is. Als u niet in kleine ruimtes durft (bijvoorbeeld in een lift) kan dit soms erg moeilijk zijn. Neem in dat geval vooraf telefonisch contact op met de medewerkers van de MRI-afdeling. U kunt hiervoor bellen met (050) 361 22 89, 361 22 81 of 361 23 05. Zij kunnen dan samen met u een oplossing proberen te vinden.

Videoband

De afdeling Radiologie beschikt over een videoband met een uitleg over MRI-onderzoek. U kunt deze voor het onderzoek bekijken in de wachtruimte. Meestal draait hij, maar als dit niet zo is kunt u er om vragen.

Het onderzoek

U meldt zich bij de balie en neemt plaats in de wachtkamer. De radiologisch laborant haalt u hier op en brengt u naar de onderzoekskamer. U krijgt hier eerst een uitleg over het verloop van het onderzoek.

Na de uitleg gaat u liggen op een dunne matras in een verlichte tunnel. U kunt via een intercom met de laborant spreken. Hij kan u tijdens het onderzoek ook zien. Uw begeleider mag bij het onderzoek aanwezig zijn. Het is belangrijk dat u zo stil mogelijk blijft liggen, omdat het onderzoek anders mislukt. Soms is het nodig om een contrastmiddel in uw arm te spuiten. Het prikken voelt onaangenaam, maar u merkt niets van het inspuiten van het contrastmiddel. Het onderzoek duurt een half uur tot drie kwartier.

Na het onderzoek

Na het onderzoek mag u weer naar huis of naar de afdeling waar u bent opgenomen.

Uitslag

U krijgt de uitslag van het onderzoek van uw behandelend arts. Hij vertelt u ook wanneer en hoe u de uitslag krijgt.

Vragen

Heeft u vóór, tijdens of na het onderzoek nog vragen, dan kunt deze gerust stellen. U kunt ook bellen tussen 8.00 en 9.30 uur met nummer (050) 361 22 89, 361 22 81 of 361 23 05.

Voor informatie over patiëntenverenigingen, andere gezondheidszorginstellingen, de gang van zaken in het UMCG, opmerkingen en klachten, kunt u contact opnemen met de medewerkers van Patiënteninformatie. Informatie hierover vindt u via de link onder aan deze pagina.

U kunt de website van het UMCG door uw PC laten voorlezen. Klik hiervoor op de knop rechts boven in het scherm.