Uw behandelend arts heeft u verwezen naar de afdeling Radiologie voor een leverbiopsie. Bij een biopsie – ook wel punctie genoemd – neemt de radioloog stukjes weefsel weg voor verder onderzoek.
Op de afdeling Radiologie doen radiologen en radiologisch laboranten verschillende soorten diagnostisch onderzoek. Diagnostisch onderzoek heeft tot doel vast te stellen wat de oorzaak is van uw klachten. Meer informatie over het werk van de afdeling Radiologie vindt u via de link ‘Radiologische technieken’ onder aan deze pagina.
Hulpmiddelen bij het onderzoek
Bij dit onderzoek maakt de radioloog gebruik van een echoapparaat. Tijdens een echografie ‘kijkt’ de radioloog met geluidsgolven in uw lichaam. Dit is pijnloos. Wel voelt u het drukken van de kop (transducer) van het echoapparaat. De geluidsgolven kunt u niet horen of voelen.
Meer informatie over de hulpmiddelen bij radiologisch onderzoek vindt u onder aan deze pagina via de link naar de tekst over het specialisme ‘Radiologie’.
Voorbereiding
Voor dit onderzoek is het nodig dat u nuchter bent. Dit betekent dat u vier uur voor het onderzoek niet mag eten, drinken en roken.
Het is mogelijk dat u zich na het onderzoek slecht voelt. Het is daarom verstandig iemand mee te nemen zodat u na het onderzoek niet alleen naar huis hoeft te gaan.
Voorbereiding bij zwangerschap
Het onderzoek is niet schadelijk voor het ongeboren kind. Toch wil de radioloog graag weten of u in verwachting bent of zou kunnen zijn. U kunt hiervoor bellen met (050) 361 21 69.
Voorbereidingen bij suikerziekte
U mag vier uur voor dit onderzoek niets meer eten of drinken. Het kan daarom wenselijk zijn dat u contact opneemt met uw behandelend arts voor een eventuele aanpassing van uw dieet en/of insulinedosis voor de dag van het onderzoek.
Voorbereidingen bij medicijngebruik
Mocht u medicijnen gebruiken dan mag u die voorafgaand aan het onderzoek innemen met een geringe hoeveelheid water, ondanks dat u nuchter moet verschijnen
Gebruikt u antistollingmedicijnen (bijvoorbeeld Sintrom of Ascal), overleg dan met de arts die ze heeft voorgeschreven of u er voor het onderzoek mee kunt stoppen. Een controle van de stollingstijd van uw bloed is overigens altijd nodig, ongeacht of u tijdelijk kunt stoppen met uw antistollingsmedicijn. Deze controle vindt plaats bij het laboratorium van het Thoraxcentrum van het UMCG (Fonteinstraat 9) waar een laborant wat bloed van u afneemt om de stollingstijd te controleren. U wordt daar een uur voor het onderzoek verwacht. Als u bent opgenomen komt een laborant u op de afdeling bezoeken om wat bloed af te nemen.
De uitslag van deze controle kan betekenen dat het onderzoek niet door gaat. In die gevallen volgt overleg met uw arts.
Het onderzoek
U meldt zich bij de balie en neemt plaats in de wachtkamer. De radiologisch laborant haalt u op en brengt u naar de onderzoekskamer. U krijgt hier eerst uitleg over het verloop van het onderzoek.
Na de uitleg ontbloot u uw bovenlichaam en gaat u op uw rug op een onderzoektafel liggen. Daarna zoekt de radioloog met het echoapparaat tussen of onder uw ribben aan de rechterkant een gunstige plaats voor de biopsie. Als die is gevonden, desinfecteert hij uw huid en brengt een plaatselijke verdoving aan. Dit is vaak pijnlijk. De radioloog prikt in uw lever aan met een speciale naald die op de 'kop' van het echoapparaat is bevestigd en haalt kleine stukjes leverweefsel weg. Dit gebeurt meestal een aantal keer zodat er voldoende weefsel voor microscopisch onderzoek is verzameld. De punctie kan pijnlijk zijn, maar gaat vrij snel.
Al met al duurt het onderzoek ongeveer een uur.
Na het onderzoek
Na het onderzoek brengt de radiologisch laborant u naar de wachtkamer. Hier blijft u drie kwartier ter observatie. Als alles goed gaat, mag u na die tijd weer naar huis. Soms is het nodig dat u een nacht ter observatie in het ziekenhuis wordt opgenomen. Meer informatie over ziekenhuisopnames vindt u via de link onder aan deze pagina.
Als u naar huis kunt is het verstandig om de rest van de dag rust te nemen. Gaat u zoveel mogelijk op de kant liggen waar geprikt is om na lekken te voorkomen. De dag na het onderzoek kunt u weer uw normale werkzaamheden hervatten. Wel is het raadzaam de eerste twee dagen niet te gaan sporten of zwaar te tillen. U kunt gedurende één á twee dagen een weeïg gevoel hebben. Hierover hoeft u zich geen zorgen te maken.
Uitslag
U krijgt de uitslag van het onderzoek van uw behandelend arts. Hij vertelt u ook wanneer en hoe u de uitslag krijgt.
Vragen
Heeft u vóór, tijdens of na het onderzoek nog vragen, dan kunt deze gerust stellen. U kunt ook bellen tussen 8.00 en 9.30 uur met nummer (050) 361 21 69.
Voor informatie over patiëntenverenigingen, andere gezondheidszorginstellingen, de gang van zaken in het UMCG, opmerkingen en klachten, kunt u contact opnemen met de medewerkers van Patiënteninformatie