De bestralingen
Een radiotherapeutisch laborant haalt u op uit de wachtkamer en neemt u mee naar een kleedkamer. Hier kunt u uw bovenlichaam bloot maken. Vervolgens haalt de laborant u op en gaat u via een gang naar de bestralingsruimte. Als u het vervelend vindt ontbloot de gang door te lopen, kunt u een vestje meenemen.
U gaat op de behandeltafel liggen en vervolgens legt de laborant u in de juiste houding, daarbij geholpen door de tatoeagepuntjes op uw lichaam en de lijnen. Hierna vindt de bestraling plaats. De bestraling zelf duurt een paar minuten.
Tijdens de bestraling maakt de laborant foto’s van het bestralingsveld. Deze foto’s worden gemaakt om uw ligging te controleren; ze zeggen niets over de voortgang van uw behandeling.
U bent per bestraling ongeveer twintig minuten in de bestralingsruimte.
Controle tijdens de bestralingen
Eén keer per twee weken heeft u een controle afspraak bij uw behandelend arts. Tijdens deze afspraak bespreekt de radiotherapeut-oncoloog met u hoe het met u gaat. De arts controleert ook regelmatig uw huid op mogelijke reacties. Als u vragen heeft of als iets u niet duidelijk is, kunt dit altijd bespreken.
Bijwerkingen
Bijwerkingen die kunnen optreden bij bestraling als onderdeel van de mamma-sparende therapie (MST) zijn:
- vermoeidheid:door de bestraling kunt u vermoeid worden. Bij sommige patiënten houdt deze vermoeidheid ook na de bestralingsbehandeling aan.
- reactie van de huid, dit kan zich uiten in:
- roodheid;
- droogheid;
- jeuk;
- open gaan van de huid.
Heeft u een reactie van uw huid, neemt u dan contact op met een medewerker Patiëntenservice. Deze kan u, eventueel na overleg met uw behandelend arts, adviseren.
De bijwerkingen kunnen tot twee weken na de bestraling in hevigheid toenemen.
Algemene informatie over bestraling vindt u in de brochure 'Bestraling', die u via de link onder aan deze pagina kunt downloaden.
Film over bestraling na de operatie
Over de gang van zaken tijdens de bestraling is een film gemaakt. U kunt deze film onder aan deze pagina bekijken.