Psychiatrie

Print 
Psychiatrie

“Heel de mens”

Anne van Gils

Naam en specialisme?

Anne van Gils, psychiatrie

Wie ben je?

Oorspronkelijk kom ik uit het westen van het land, maar ik woon al sinds lange tijd in de provincie Groningen. Naast mijn werk houd ik van reizen, koken, schilderen en ga ik graag naar het filmhuis.

Waarom heb je voor deze opleiding gekozen?

Tijdens mijn studie ben ik gefascineerd geraakt door de psychiatrische ziektebeelden. Wat mij aanspreekt aan de psychiatrie is het feit dat je niet alleen kijkt naar de ziekte, maar ook naar de achtergrond van de patiënt. Je hebt dan ook meer tijd voor de patiënt dan de gemiddelde arts. Verder heerst er een prettige, laagdrempelige sfeer tussen psychiaters en AIOS.

Waarom heb je voor Groningen gekozen?

Ik heb in Groningen gestudeerd en heb ervoor gekozen hier ook mijn opleiding te volgen, omdat ik me er thuis voel. Groningen is een hele gezellige, gemoedelijke, maar ook compacte stad. Voor het UCP heb ik gekozen vanwege de wetenschappelijke inslag en de goede begeleiding. Een praktisch voordeel is dat alle afdelingen op één locatie gelegen zijn.

Psychiatrie

Robert Schoevers

Naam, functie + specialisme?

Robert Schoevers
Psychiater, opleider, hoogleraar, afdelingshoofd

Wie bent u?

Studie en opleiding gedaan in Amsterdam/Valeriuskliniek. Tot voor 2,5 jaar geleden werkzaam als psychiater/onderzoeker/opleider in Amsterdam (o.a. VU). Ik heb geen bijzondere hobbies, een fijn gezin, sport regelmatig en ben (zo mogelijk) veel buiten.

Wanneer en waarom heeft u voor Groningen gekozen?

2,5 jaar geleden. Ik vind de afdeling psychiatrie in het UMCG erg plezierig omdat we enerzijds (relatief ten opzichte van andere PUK’s) groot zijn en je daardoor het hele vak te zien krijgt, anderzijds een flink aantal derdelijns specialistische programma’s hebben. Het nivo van zorg is in mijn ogen hoog (ik kan het vergelijken met andere plekken) en er heerst een prettige, inhoudelijke en collegiale sfeer waarin ook veel aandacht is voor opleiding van artsen en co-assistenten. Qua onderzoek hebben we een epidemiologische traditie en werken we veel samen met instellingen in de regio, wat me ook erg aanspreekt.

Hoe is het om AIOS te zijn?

Ik heb tot op heden nog geen moment spijt gehad van mijn keuze. Je leert als AIOS veel; zowel van het onderwijs als van de verschillende stages. Alles bij elkaar is het wel druk, maar ik haal er veel voldoening uit.

Wat was je eerste indruk van je opleider?

Het beeld dat ik had van een opleider was dat van een strenge, grijze, ietwat stoffige oude man. Robert voldeed (gelukkig) niet aan deze verwachting; hij bleek erg vriendelijk en toegankelijk.

Hoe is je relatie met je opleider nu?

Goed. Omdat ik op dit moment bezig ben met onderzoek en Robert ook mijn promotor is, zien we elkaar regelmatig. Als opleider valt mij het meeste op dat hij altijd open staat voor feedback vanuit de assistentengroep en actief is in het zorgen voor verbetering.

Wat is het belangrijkste dat je tot nog toe geleerd hebt als AIOS?

Afgezien van de inhoudelijke dingen die ik geleerd heb, hebben de stages op verschillende afdelingen en de diensten mij laten zien dat psychiatrie een heel veelzijdig vak is.

Welke doelen heb je voor jezelf gesteld?

Ik hoop tijdens mijn opleiding van de verschillende ziektebeelden (stemmingsstoornissen, psychosen, persoonlijkheidsstoornissen) en behandelingen (psychotherapie, psychofarmacologie) genoeg te leren, zodat ik een brede basis heb.

Welke tip wil je anderen die nog AIOS moeten worden geven?

Ik zou toekomstige AIOS willen aanraden van te voren informatie in te winnen bij verschillende AIOS over de positieve en negatieve kanten van de opleidingsplek, voor het maken van een weloverwogen keuze.

Waarom hebt u ervoor gekozen opleider te worden?

Dit was 10 jaar geleden. Ik werd gevraagd en zei meteen ja. Het werken met jonge nieuwsgierige studenten/assistenten vind ik boeiend en verrijkend omdat ze vaak relevante vragen stellen. Verder vind ik het leuk om dit mooie vak aan mensen te onderwijzen, samen patiënten te zien en te kijken wat er speelt en hoe je dat het best kunt behandelen. Naast de aios gaan staan om te kijken hoe je iemand vooruit kunt helpen. Als opleider kan je uitdragen wat je belangrijk vindt in je vak, en wat er voor nodig is om dat te leren/bereiken.

Hoe bevalt het opleiden van jonge artsen?

Goed. Opleiding in Amsterdam (ARKIN) waar ik leiding aan gaf is tweemaal verkozen tot beste opleidingsplek van NL (ik dacht 2009 en 2010, of 2008/09).

Wat was de eerste indruk die u had van deze AIOS?

Slim, maakt goed contact, gaat recht op het doel af, heel gestructureerd werkend, ook wetenschappelijke belangstelling en mogelijkheden.

Hoe is de relatie met deze AIOS nu?

Bij mijn weten goed (ben ook beoogd promotor van haar proefschrift)

Wat probeert u uw AIO's mee te geven?

Contact maken is het begin van alles, interactie vaardigheden (psychotherapeutische), ook op basaal nivo zijn uiterst belangrijk voor de hele geneeskunde en al helemaal voor een psychiater. Daarnaast uiteraard de hele meer medische/wetenschappelijke kant. Psychiatrie is een ‘rond vak’ omvat de mens in de zin van - hoe hij werkt, en hoe hij zich daarbij voelt.

Hoe is de onderlinge (werk-)verhouding?

Volgens mij is het bij ons veilig, inhoudelijk en krijgen aios veel ruimte om dingen te leren, initiatief te nemen. Dat is in ieder geval de bedoeling. (komt tot nu toe ook terug uit evaluaties)

Welke tip zou u toekomstige AIO's mee willen geven?

Stel jezelf en anderen vragen en probeer daarvan te leren. Bereidt je voor op een intensieve periode waarin er flink aan je wordt gerammeld maar waarin je ook heel veel mogelijkheden aangereikt krijgt om je als professional verder te ontwikkelen. Quote: “er wordt nooit meer zoveel in je geïnvesteerd door zoveel verschillende mensen als in de komende 4,5 jaar”.

Afdeling

Wij zijn ambitieus en willen een opleiding bieden van hoog niveau die daarnaast warm en menselijk is. Dat wij daarin slagen, blijkt uit een lovend visitatierapport en hoge cijfers in de D-rect, zeg maar het rapportcijfer dat we krijgen van AIOS. Er is veel aandacht voor klinische vaardigheden en psychotherapie, maar ook voor wetenschappelijke ontwikkeling. Een groot aantal arts-assistenten doet onderzoek of promoveert tijdens de opleiding, maar ook pure (toekomstige) klinici zijn welkom.

Innovatieve behandelingen op onze topreferente afdelingen stemmings-, angst-, en somatoforme stoornissen, psychose en ouderenpsychiatrie vinden plaats naast een brede basis van algemene psychiatrie. Dat alles vindt plaats op één locatie naast het grootste academische ziekenhuis van Nederland; het beste van twee werelden.

We hebben korte lijnen, in het werk staat de inhoud centraal en een eigen onderwijsbureau coördineert de activiteiten. Het UCP is ook een gewilde stageplaats voor co-assistenten en huisvest jonge onderzoekers en stagiaires. De eigen Teach The Teachers cursus 2011 met aios en opleiders was in ieder geval een topper waar het ging om gezamenlijk leren, oefenen en gezelligheid!

Opleidingsplaats

Specialisme Psychiatrie
Duur 4,5 jaar
Opbouw De opleiding bestaat uit een algemeen deel van 2,5 jaar gevolgd door twee jaar stage in een van de aandachtsgebieden kinder- en jeugdpsychiatrie, volwassenenpsychiatrie en ouderenpsychiatrie voor het behalen van de aantekening. De participerende instellingen bieden allen het algemene deel van de opleiding, en kunnen verschillende aantekeningen aanbieden.
Plaats In de OOR N&O werken vijf instellingen en ziekenhuizen samen in het opleidingsconsortium Psychiatrie Noord-Nederland: het Universitair Centrum Psychiatrie (UCP) van het UMCG, Lentis (Groningen), GGZ Friesland, GGZ Drenthe en Dimence (Overijssel). Alle vijf bieden zij de volledige opleiding psychiatrie.
Vacatures Er is een permanente vacature. Jaarlijks kunnen 6 arts assistenten de opleiding tot psychiater aanvangen in het UCP, met als startdata 1 april en 1 oktober.
Verdiepingsstages

Er zijn veel mogelijkheden, voorbeelden zijn;

- Stage wetenschappelijk onderzoek binnen één van de topreferentie-afdelingen gericht op schizofrenie, stemmingsstoornissen of angststoornissen. Voor geïnteresseerde en gemotiveerde aios bestaat de mogelijkheid om met aanvullende subsidie te werken aan een promotie-onderzoek.
- Stage ouderenpsychiatrie. Een combinatie van het UCP en het Universitair Centrum Ouderengeneeskunde. Deze stage biedt een grondige kennismaking met tal van verdiepingsmogelijkheden waaronder multimorbiditeit en psychotherapie bij ouderen.
- Stage consultatieve psychiatrie binnen het UMCG. Deze stage is gericht op een brede kennismaking met psychiatrische problematiek binnen gevarieerde afdelingen.
- Stage emotionele stoornissen. De stage is gericht op angststoornissen of stemmingsstoornissen met de mogelijkheid van verdieping in een bepaalde methodiek (psychotherapie, psychofarmacologie).
- Stage somatoforme stoornissen. In samenwerking met de afdeling Interne Geneeskunde, gericht op diagnostiek en interventies bij complexe problematiek in samenwerking met de somatisch specialist.
- Stage ontwikkelingsstoornissen bij volwassenen binnen de polikliniek van het UCP, gericht op ADHD en autistiforme stoornissen.
- Stage bipolaire stoornissen, op de polikliniek voor bipolaire stoornissen, met aandacht voor de specifieke interventies bij deze patiëntengroep.

De aios worden gestimuleerd deel te nemen aan één van de onderzoeksprogramma’s.

Opleider

Prof. dr. R.A. Schoevers

Prof. dr. R.A. Schoevers (Robert)

Opleider ouderengeneeskunde

R. Oude Voshaar

R. Oude Voshaar (Richard)

Opleider (plaatsvervangend)

W. van Zelst

W. van Zelst (Willeke)

Begrijpen wat depressie is

Interview met Hanna van Loo

Download PDF

Glashelder: vernieuwingen in de opleiding tot psychiater

Op 1 januari 2011 wordt het nieuwe opleidingsplan Psychiatrie ingevoerd. Maar er was al veel veranderd in de opleiding. Professor Robert Schoevers vertelt erover. Schoevers is hoofd van de afdeling Psychiatrie van het UMCG en voorzitter van het opleidingsconsortium Psychiatrie Noord-Nederland. Met het nieuwe opleidingsplan is glashelder wat er van de psychiater verwacht wordt.

Aios moet kiezen

In 2009 verscheen het HOOP-rapport. ‘HOOP’ staat voor Herziening Opleiding en Onderwijs Psychiatrie. Het rapport beschrijft de nieuwe eindtermen voor de opleiding tot psychiater. Twee veranderingen springen in het oog. De opleiding wordt gesplitst in drie aandachtsgebieden. De aios kan kiezen tussen volwassenenpsychiatrie, kinder- en jeugdpsychiatrie of ouderenpsychiatrie. Voortaan wordt een aios, na een algemeen deel van tweeënhalf jaar, in de laatste twee jaar van de opleiding opgeleid tot psychiater binnen een van deze aandachtsgebieden. In die vervolgopleiding verdiept de aios zich in het aandachtsgebied van zijn of haar keuze. Daarmee is ook een ontwikkeling in de gevraagde competenties gegarandeerd zodat de aiossteeds meer op het niveau van de medisch specialist gaat functioneren.

Meer betrokkenheid, meer rendement

Het cursorisch onderwijs wordt georganiseerd in tutorgroepen van ongeveer veertien aios. Hun opleiding starten zij met een week waarin zij volledig zijn vrijgeroosterd. Schoevers: ‘In die week krijgen ze de basiskennis. Ze leren de vaardigheden die je nodig hebt om goed te kunnen functioneren. Het zijn de dingen waar je de eerste tijd tegenaan loopt. Je kunt dan denken aan crisisinterventie, het beoordelen van suïcidaliteit of basiskennis van de Wet bopz.’ Na deze eerste week is het cursorisch onderwijs geconcentreerd op een halve dag per week. Dat vindt plaats in Beilen voor de hele OOR.

De aanpak van dat cursorisch onderwijs doet sterk denken aan de manier waarop het medisch onderwijs in Groningen is georganiseerd. De tutorgroep bereidt de studiestof voor, houdt daar referaten over en maakt videoopnames van patiënten om specifieke thema’s te illustreren. Schoevers: ‘Als je zelf les geeft over een onderwerp creëer je meer betrokkenheid. Het studierendement verbetert.’ En toch is de belasting voor de opleider gedaald, merkt Schoevers: ‘Vroeger hadden we frontaal onderwijs door allerlei verschillende docenten. Nu is de opleider de tutor maar die rol kan ook door collega’s worden ingevuld. Ik merk dat de onderwijsbelasting kleiner is terwijl het rendement groter is.’ Schoevers benadrukt de bijdrage van experts aan het onderwijs: ‘Natuurlijk zijn experts in specifieke onderdelen, zoals schizofrenie of depressie, intensief bij het onderwijs betrokken. Zij maken de toetsvragen en verzorgen aan het eind van ieder blok een bijeenkomst. Daarin beantwoorden ze vragen die tijdens het blok zijn gerezen. En bovendien belichten ze een onderwerp waar ze zelf mee bezig zijn. Aios waarderen die bijeenkomsten heel erg.’

Continuüm

Ook nieuw is de extra aandacht voor continuïteit in het onderwijs. Naast het regionale kennisonderwijs volgen aios in de eigen instelling allerlei trainingen op het gebied van diagnostische vaardigheden en behandelvaardigheden. Schoevers: ‘Onze eigen staf geeft Klinisch Vaardigheden Onderwijs, internisten en neurologen uit het UMCG bespreken een aantal somatische ziekten die voor de psychiatrie relevant zijn, en we doen veel meer dan voorheen aan instructie en feedback op het functioneren in de patiëntenzorg. De KKB’s zijn ook bij ons ingeburgerd geraakt.’ Die KKB’s zijn waardevol vindt Schoevers. Hij plaatst wel een kanttekening: ‘We moeten er geen bureaucratische tijger van maken. De KKB is een manier om aandacht te besteden aan specifieke vaardigheden in de praktijk.’

Toetsen

Een belangrijk kenmerk van de aanpak is de aandacht voor toetsing. Schoevers: ‘Alles wordt getoetst. We toetsen bij de start van een onderwijsblok de basiskennis. En na afloop toetsen we de voortgang die deelnemers maken. Tja, het is niet anders: als je toetst, gaan mensen aan de slag.’ Omdat de onderwijsstof en de toetsen inmiddels landelijk worden afgestemd zijn de opleidingsprogramma’s steeds meer gestandaardiseerd. Vroeger kon een opleiding wel eens erg gefocust zijn op de persoonlijke voorkeuren en preoccupaties van de opleider. Bijvoorbeeld in de balans tussen de somatische en psychotherapeutische aspecten van het vak. Nu is glashelder wat je moet weten en kunnen als psychiater.’

Mentoraat

Nog een pluspunt vindt Schoevers de scheiding van supervisie en mentoraat: ‘Onder supervisie verstaan we de werkbegeleiding tijdens de patiëntenzorg. Daarnaast is er ook een uur per twee weken ingeroosterd voor mentoraat. Dat is een vorm van reflectie die wat verder af staat van de dagelijkse praktijk. Het gaat dan bijvoorbeeld over patiëntencategorieën of team-interacties waar je extra aandacht aan wilt besteden. Maar het kan ook gaan ook over de vraag hoe je je verder wilt ontwikkelen binnen het vak, of over de balans tussen werk en privé. Met het mentoraat willen we de professionele vorming in goede banen leiden.’

Tekst: Wout Sorgdrager

 

 

Volg ons op sociale media
U kunt de website van het UMCG door uw PC laten voorlezen. Klik hiervoor op de knop rechts boven in het scherm.